Grote gele kwikstaart
Grote gele kwikstaart (Motacilla cinerea)


Uiterlijk
De vogel wordt ongeveer 17 tot 20 cm groot en heeft een opvallend lange zwarte staart met witte buitenste staartpennen. De bovenzijde is grijs, terwijl de onderzijde helder geel is. Mannetjes hebben in het broedseizoen een zwarte keel, vrouwtjes een lichtere keel. Een witte wenkbrauwstreep maakt het uiterlijk compleet.
Voedsel
Het voedsel bestaat voornamelijk uit insecten, vliegen, muggenlarven, haften en andere kleine ongewervelden. De vogel jaagt vooral langs beken, rivieren en oevers, waar hij prooien van stenen of uit ondiep water oppikt.
Leefgebied
De grote gele kwikstaart leeft vooral langs snelstromende beken, rivieren en bergstromen. Daarnaast komt hij voor bij vijvers, kanalen, waterzuiveringen en in steden met waterpartijen of platte daken.
Nestbouw
Het nest wordt gebouwd in spleten van rotsen, bruggen, muren of gebouwen, vaak dicht bij stromend water. Het bestaat uit mos, gras en worteltjes en wordt afgewerkt met haren. Een legsel telt meestal vier tot zes eieren.


Verspreiding
De grote gele kwikstaart komt voor in grote delen van Europa, Azië en Noordwest-Afrika. In Nederland is hij een vrij schaarse broedvogel, vooral in Oost- en Zuid-Nederland, terwijl hij in de winter op meer plaatsen wordt waargenomen.
Populatie
De soort staat wereldwijd als niet bedreigd op de Rode Lijst van de IUCN. De Nederlandse populatie is relatief klein, maar de aantallen zijn de afgelopen decennia geleidelijk toegenomen.
Vijanden
Roofvogels, katten, marters en kraaiachtigen behoren tot de belangrijkste natuurlijke vijanden. Vooral nesten en jonge vogels lopen risico tijdens de broedperiode.
Bijzonderheden
De grote gele kwikstaart wipt vrijwel onafgebroken met zijn lange staart. In tegenstelling tot veel andere kwikstaarten is hij sterk gebonden aan stromend water en wordt hij ook regelmatig op platte daken in stedelijke gebieden aangetroffen.
